Achteraf over NODIG

WESTRAVANDERWAL
foto: Martin Pluimers

‘Hoe kwam deze voorstelling tot stand?’  vroeg gespreksleider Rob Verhoeven in het nagesprek aan ons. Of beter gezegd, hij maakte de vergelijking met een baby, en aldus vroeg ie: ‘hoe is deze baby ter wereld gekomen?’

Wij, de uitvoerenden van de avond, zaten in het licht in het tot restaurant-omgebouwde theater-leslokaal B van theateropleiding Selma Susanna (THOPSS).

Ik was moe, ik had lekker gespeeld, kon niet helder denken, en antwoordde iets van: we hebben gewoon geïmproviseerd en toen kwam er dit.

Achteraf ben ik niet zo, nee, zo niet-tevreden met dat antwoord. Alsof er geen gedachte achter zit. Het doet zo af aan de moeite die ik zelf, en Paul en Linnet hebben gedaan.

Ja, we hebben geïmproviseerd. En de moeite kostte weinig moeite. Maar het is wel kei-hard werk. En moeite kost het.

Kleinkunst is niet makkelijk-sterker nog, heel moeilijk (Bartele & Jochanan 2000).

 

Linnet en ik werken nu al bijna 10 jaar samen. En nu 3 jaar samen met Paul. We maken voorstellingen in theater en locatie, spreken steeds meer dezelfde taal. We hebben een half jaar voor NODIG uitgetrokken. Dit had ik moeten zeggen:

‘Rob, wat een leuke vraag! Tijdens de zwangerschap zijn we zijn de hele tijd op zoek geweest naar het maken van ‘geen eenduidige beelden’, want juist eenduidigheid willen we omzeilen. We willen voor het hele publiek multi-interpretabel zijn. We hebben een half jaar kei hard gewerkt. We wisten dat we het wilden hebben over ‘als de beschaving weg valt-wat dan? We hebben scenes bedacht, solo’s voor elkaar gespeeld, volgordes veranderd, abstractie gezocht, en praten -praten-praten: vertelt deze scene wat we willen zeggen?’

Rob zou het waarschijnlijk een lang antwoord vinden. Maar daar gaat het me niet om.

 

Ik, ik zal ervoor zorgen dat ik mijn antwoord paraat heb. Want ook dat is theater. Achter het product staan en de mensen te ondersteunen en waarderen die helpen. En dus achter mezelf staan.

Voor ons is het duidelijk na het spelen van de reeks: we gaan door. We willen graag spelen in zalen met een goede zichtlijn op de grond. We willen onze 30 minuten nu gespeeld gaan uitbreiden naar een uur- we moeten spelen. Want dat het goed is wat we doen, krijgen we terug van publiek, en bovenal van ons eigen gevoel.

NODIG is een prachtkind geworden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *